Inge, verpleegkundige in Rijkevorsel

Ik heb eigenlijk nooit echt getwijfeld tussen werken in een ziekenhuis of in de thuiszorg. Aanvankelijk speelde vooral het uurrooster een rol: thuiszorg betekent geen nachtwerk. Maar zelfs al zou ik dat niet meer belangrijk vinden, dan nog wil ik niet ruilen. In een ziekenhuis of rusthuis zitten mensen vaak tegen hun zin. Wij kunnen onze patiënten als thuisverpleegkundigen helpen in de omgeving waar ze zich het best voelen – thuis. Bovendien kunnen we zelf bepalen wanneer we eens extra aandacht geven aan een patiënt. Soms past dat binnen mijn uren, soms ook niet. Maar dan is het ook mijn eigen keuze dat ik daardoor langer werk.

Veel studenten vragen zich af of zo’n job op de baan niet eenzaam is. Ik vind dat niet. Je hebt in de eerste plaats vooral vrijheid: wil je even een korte break bij een patiënt? Dan neem je die. Dat is luxe. Bovendien is het contact met de collega’s écht top. Zo komen we maandelijks op een middag samen om met z’n allen ‘bokes’ te eten. In plaats van na de ronde naar huis te gaan, blijven we even achter op kantoor om samen te lunchen. Dat is altijd leuk. Wat ik het mooist vind aan mijn job? Simpel. Ik ben voor veel van mijn patiënten hun blik op de wereld. Sommigen komen zelf nog nauwelijks het huis uit en hebben het gevoel dat de wereld langs hen heen passeert. Door met mij te praten en me uit te horen, hebben ze het gevoel toch nog mee te zijn.